Contact

M&M brengen kleur aan kabels: gokken met je kabelnetwerk is levensgevaarlijk én illegaal

Onder de Nederlandse bodem liggen duizenden kilometers aan laagspanningskabels waar we blind op vertrouwen. We drukken op een knop, de openbare verlichting springt aan, en klaar. Totdat er een storing is. Of totdat de inspecteur voor een NEN 3140-keuring vraagt naar het tekeningenpakket. Dan blijft het angstaanjagend stil aan de andere kant van de tafel.

Bij veel gemeenten is de ondergrondse infra een ondergeschoven kindje. "De boel is simpelweg vaak niet voor elkaar," trapt Martijn Voigt af. Samen met zijn collega Martin Schluter vormt hij binnen het Nederlands Licht Instituut (NLI) het duo 'M&M'. Hun missie? Lichtbeheerders wakker schudden en die onzichtbare spaghetti-brij onder de grond kraakhelder in kaart brengen. Want geloof ons: dat is geen overbodige luxe. Sterker nog, het is een verplichting.

De eis van Wibon

Laten we maar meteen met de deur in huis vallen: als gemeente ben je vaak zélf de netbeheerder van je openbare verlichting. En dat brengt verantwoordelijkheden met zich mee. Vroeger had je de Wion, tegenwoordig heet dat de Wibon (Wet informatie-uitwisseling bovengrondse en ondergrondse netten en netwerken). "De Wibon eist simpelweg dat je als netbeheerder je laagspanningskabels exact in beeld hebt," legt Martin uit. "Als je niet weet of je 2 of 80 kilometer kabel in eigendom hebt, hoe oud dat materiaal is en waar het precies ligt, voldoe je dus niet aan de wet. Zo simpel is het."

Daarnaast heb je die gegevens keihard nodig voor je Arbo-veiligheid en de wettelijke 3140-inspecties. Komt er een monteur buiten aan een kast werken? Dan moet de tekening in de kast exact kloppen met de werkelijkheid. Hangt er een groep los? Staat er spanning op een kabel die niet op de kaart staat? Dan speel je met de veiligheid van je mensen. Daarom is het zo belangrijk dat je als gemeente je kabelnetwerk tot in detail in kaart hebt. Gelukkig helpt het NLI daarbij.

Het 'Haasje-Over' van Martijn en Martin

Hoe dat kabel-zoeken in de praktijk gaat? Niet met een stoffige spreadsheet achter een bureau, maar met de voeten in de klei. Deze week strijkt het duo bijvoorbeeld neer in Den Bosch om de boel binnenstebuiten te keren. "We zien heel snel wat er aan een tekening mist," zegt Martijn. "Heb je een kast met zes groepen en staan er maar vijf op papier? Dan gaan wij buiten op pad om die zesde groep te zoeken." Gewapend met een hypermoderne kabelzoeker – een soort hightech wiggelroede – sporen ze het netwerk op. Er wordt een specifiek signaal en een frequentie op de kabel in de kast gezet. Martin loopt met de ontvanger over de grond en ziet precies waar het signaal het sterkst is en welke kant de kabel op splitst.

Ondertussen doen de heren aan 'haasje-over' op straat. Martijn trekt de mastluikjes open om te inventariseren: welke functie heeft de kabel, gaat hij erin of eruit en wat voor type is het? Martin loopt er met de kabelloper achteraan. "Soms loop je een woonwijk in waar volgens de boeken twee groepen liggen, maar waar stiekem wel 12 kilometer aan kabel met allerlei aftakkingen onder de grond zit," lacht Martin. "Dat is puzzelen voor gevorderden, maar we lossen het altijd op."

Waarom laat je dit versloffen?

De reden dat revisies en kabelkaarten bij gemeenten verouderen is pijnlijk herkenbaar: gebrek aan tijd, kennis, capaciteit en het juiste gereedschap. Projecten moeten snel af, de aannemer levert een vlugge revisie aan, de gemeente twijfelt aan de juistheid maar sluit het dossier wegens tijdsgebrek. Het resultaat? In Heerenveen moesten de mannen van het NLI onlangs maar liefst 12 kasten volledig uitzoeken omdat het destijds niet direct goed was bijgehouden.

Bij het NLI is dit 'achtergebleven kindje' een specialisme. Of je de data nu aangeleverd wilt krijgen in Excel, CAD-formaat of direct geïmplementeerd in je eigen LMS (Licht Management Systeem); het is puur maatwerk. Het eindresultaat van een bezoekje van M&M? Een overzichtelijke 'confetti aan kleuren' op je digitale kaart. Je ziet in één oogopslag welke kabel bij welke kast hoort. Geen gegok, geen speld in een hooiberg meer bij storingen, maar direct gericht graven zonder graafschade.

Een gratis tip voor alle Nederlandse beheerders

Martijn en Martin hebben tot slot nog één dwingend advies voor alle gemeentelijke beheerders in Nederland: "Neem niet bij voorbaat de objecten over in beheer. Vraag eerst die revisie op en laat het direct controleren. Het is niet moeilijk om het meteen goed te doen, het kost meer tijd om het twintig jaar later recht te moeten breien."

Liggen de kabels in jouw gemeente er ook een beetje 'op de gok' bij? Of twijfel je of je Wibon-registratie wel waterdicht is bij een eventuele controle? Voorkom dat je de controleurs met een mond vol tanden te woord moet staan. Neem contact op met Martijn en Martin van het NLI. Dan komen ze met hun kleurrijke expertise de rust én de veiligheid in jouw areaal herstellen.

Heeft u een vraag?